Nederlandse investeerders richten zich volgens het onderzoek van KPMG met name op technologie die bestaande betaal- en financiële infrastructuren efficiënter en schaalbaarder maakt. Als voorbeeld noemt de accountantsorganisatie de investeringsronde van $ 40 miljoen voor betaalinfrastructuurbedrijf Silverflow, dat daarmee het internationale platform verder uitbreidt.
Volgens Martijn Berghuijs van KPMG Nederland gaat in Nederland veel kapitaal naar groeibedrijven die de financiële infrastructuur verbeteren. "Dat benadrukt de positie van Nederland als fintechhub. Al blijven zeer grote investeringsrondes uitzonderlijk."
Investeerders kiezen voor bewezen businessmodellen
Internationaal ontwikkelde de fintechmarkt zich in de eerste helft van 2026 opvallend sterk. Wereldwijd stegen de investeringen in fintechbedrijven van $ 72,2 miljard in de tweede helft van 2025 naar $ 103,1 miljard in de eerste helft van 2026. Tegelijkertijd nam het aantal transacties af van ongeveer 2.500 naar 2.100. Investeerders kozen vaker voor grote, schaalbare fintechbedrijven met bewezen businessmodellen.
De groei werd vooral gedragen door grote overnames en investeringen. De 10 grootste transacties waren samen goed voor $ 64 miljard, ofwel 62% van alle wereldwijde fintechinvesteringen in de eerste helft van het jaar. De grootste deal was de overname van betaaldienstverlener Worldpay door Global Payments voor $ 24,3 miljard.
AI en betaaldiensten trekken meeste kapitaal
Betaaldiensten waren wereldwijd veruit de grootste investeringscategorie met $ 44,2 miljard. Ook AI-gerelateerde fintechbedrijven trokken veel kapitaal aan, goed voor $ 21,4 miljard. Daarnaast bleef de belangstelling voor digital assets groot, met $ 11,1 miljard aan investeringen.
Voor de tweede helft van 2026 verwacht KPMG dat investeerders selectief blijven investeren in AI, betaalinfrastructuur, digital assets en strategische consolidatie. Berghuijs: "Kapitaal zal daarbij vooral terechtkomen bij fintechbedrijven die een duidelijke route naar schaalbaarheid en winstgevendheid kunnen laten zien."
Zorgen over beschikbaarheid van groeikapitaal
Tegelijkertijd blijven er zorgen bestaan over het investeringsklimaat in Europa. De Europese Centrale Bank (ECB) constateerde recent dat Europa achterloopt op de Verenigde Staten bij de financiering van snelgroeiende bedrijven, vooral in latere groeifases. Hierdoor worden veel scale-ups voor kapitaal afhankelijk van buitenlandse investeerders. Ook de Europese Commissie (EC) erkent dat Europese start-ups en scale-ups nog te vaak moeite hebben om binnen Europa voldoende groeifinanciering aan te trekken.
Ook in Nederland klinken zorgen. Uit het State of Dutch Tech 2026-rapport van Techleap en TNO blijkt dat Nederlandse technologiebedrijven weliswaar meer kapitaal aantrekken, maar moeite houden om door te groeien naar internationale schaal. De Nederlandse scale-up-ratio ligt met 21,6% nog altijd onder het Europese gemiddelde van 24,1%. Deze ratio geeft aan welk percentage van de start-ups erin slaagt door te groeien tot scale-up.
Daarnaast worden ook Nederlandse groeibedrijven steeds afhankelijker van buitenlandse investeerders. Bij financieringsrondes van € 50 tot € 100 miljoen was in 2025 al 40% van de investeerders afkomstig uit de Verenigde Staten.








